Laagspanningsrichtlijn 2014/35/EU

De Laagspanningsrichtlijn 73/23/EG bestaat al vanaf 1973. De richtlijn was één van de eerste richtlijnen die door de Europese Unie gepubliceerd werd. Toen werd de richtlijn vooral opgesteld om elkaars landskeuringen van elektrische materialen te accepteren, zodat een elektrisch artikel, dat in het ene EU-land goedgekeurd was, niet nog een keer gekeurd behoefde te worden. De elektrische keurmerken die er toen waren:

Toen in 1989 de nieuwe Europese Aanpak Richtlijnen verschenen, moesten ook de oude keurmerken vervallen en werd ook de Laagspanningsrichtlijn 73/23/EG door de Richtlijn 93/68/EG een nieuwe aanpak richtlijn en was het aanbrengen van de CE-markering in het vervolg het enige juiste keurmerk. Het heeft tot 12 december 2006 geduurd totdat de nieuwe Laagspanningsrichtlijn 2006/95/EG verscheen. Sinds 1 januari 2007 is deze laatste Laagspanningsrichtlijn van kracht en is de eerdere 73/23/EG Richtlijn vervallen. De Richtlijn 2006/95/EG richt zich, net zo als de eerdere 73/23/EG Richtlijn op elektrisch materiaal bestemd voor een nominale wisselspanning tussen 50 en 1.000 volt en een nominale gelijkspanning tussen 75 en 1.500 volt.[1]

Inmiddels is de Laagspanningsrichtlijn 2006/95/EG vervangen door de versie 2014/35/EU. De belangrijkste wijziging die hierbij is gekomen, is de ketenaansprakelijkheid. Let op: er geldt een overgangstermijn, waardoor het nog mogelijk is dat er componenten worden geleverd onder de Laagspanningsrichtlijn 2006/95/EG.

[1] Dus 24 Volt circuits van een besturing van een machine vallen niet onder de Laagspanningsrichtlijn. Ook op de 24Volt componenten is deze richtlijn niet van toepassing. Wel kan de EMC richtlijn op deze componenten van toepassing zijn.

ESV Technisch Adviesbureau
  • Mercuriusweg 30 - 3771 NC - Barneveld
  • +31 (0)342-424251